De UNIENFTO is een onafhankelijke vakorganisatie die opkomt voor de rechtspositionele
en onderwijskundige belangen van haar leden.

19-11-2016 12:15

Dalende leerlingenaantallen, vergrijzing, tekortvakken, onbevoegd gegeven lessen, rendement van lerarenopleidingen, werktevredenheid. Thema’s die de aandacht vragen in het voortgezet onderwijs. De Onderwijsatlas voortgezet onderwijs laat aan de hand van grafieken en kengetallen een samenhangend beeld van recente en toekomstige ontwikkelingen rond deze thema’s zien. Landkaarten tonen in één oogopslag de regionale verschillen.

Voion wil de vo-sector ondersteunen bij het realiseren van een goed functionerende arbeidsmarkt met voldoende en goed gekwalificeerd personeel. Kennis van de arbeidsmarkt is daarbij van belang. Met de Onderwijsatlas wil Voion deze kennis op een toegankelijke wijze delen. Aan de hand van 6 thema’s krijgt u een beeld van de arbeidsmarkt in het voortgezet onderwijs, nu en in de toekomst. Hieronder leest u de highlights.

De vraag naar onderwijspersoneel

Waar het voortgezet onderwijs eerst te maken had met groei, zal de komende jaren het aantal leerlingen in veel gebieden gaan afnemen. De werkgelegenheid is de afgelopen jaren licht gestegen. Deze kenmerkt zich net als de leerlingenontwikkeling ook door regionale verschillen. Dit geldt minder voor de vacaturedruk, daar zijn vooral verschillen naar vak. De komende jaren zullen de meeste knelpunten optreden bij scheikunde, natuurkunde, Duits, Klassieke Talen en Frans.

Wie werken in het voortgezet onderwijs?

In vergelijking met het primair onderwijs zijn in het voortgezet onderwijs relatief veel mannen werkzaam. Wel is het aandeel vrouwen de afgelopen jaren toegenomen. De sterkste stijging is zichtbaar bij het directiepersoneel. De gemiddelde leeftijd van het personeel is de afgelopen jaren licht toegenomen. Deze toename is met name zichtbaar onder het directiepersoneel en het onderwijsondersteunend personeel. Maar ook hier zijn weer regionale verschillen.

Bevoegdheid

De laatste jaren zijn er meer leraren in salarisschaal LD gekomen en wordt het merendeel van de lessen bevoegd gegeven. Tussen de verschillende onderwijstypes, vakken en regio’s zijn verschillen zichtbaar in het aandeel bevoegd gegeven lessen. Zo kent het vmbo het laagste aandeel bevoegd gegeven lessen en het vwo het hoogste. Lessen in lichamelijke opvoeding (99,0 procent), Frans (94,3 procent) en geschiedenis (93,8 procent) worden naar verhouding vaak bevoegd gegeven. Het combinatievak Natuurkunde/scheikunde wordt daarentegen juist vaak onbevoegd gegeven (9,7 procent). De hoogste percentages bevoegd gegeven lessen zijn te vinden in delen van Limburg, waar tussen de 93 en bijna 94 procent van de lessen bevoegd wordt gegeven. In de regio Rivierenland worden juist relatief veel lessen onbevoegd gegeven.

De route naar het leraarschap

De afgelopen jaren is het aantal studenten aan de lerarenopleiding licht gestegen. De opleiding tot leraar Engels, lichamelijke opvoeding en wiskunde zijn het meest populair. Frans, scheikunde en Klassieke talen zijn minder populair. Het merendeel van de studenten is in 2014 afgestudeerd in een tweedegraads vakgebied. Afgestudeerden aan de lerarenopleiding vinden de afgelopen jaren minder eenvoudig een baan in het onderwijs. Wel is het beroepsrendement in vergelijking met het cohort afgestudeerden uit 2013 weer licht aan het stijgen. De baankansen voor afgestudeerden verschillen per vak: afgestudeerden in een exact vak of een taal werken een half jaar na afstuderen relatief vaak in het onderwijs. Afgestudeerden lichamelijke opvoeding vinden het minst eenvoudig een baan in het onderwijs.

Verzuim en sociale zekerheid

Het ziekteverzuim in de sector is tot 2015 licht gedaald, terwijl het aantal WIA-uitkeringen en WW-uitkeringen is toegenomen. Het zijn met name jongeren en ouderen die aanspraak maken op de WW-uitkeringen. Wel lijkt het aantal WW-uitkeringen over het hoogste punt heen. Ook in het aantal WW-uitkeringen zijn er regionale verschillen: Limburg heeft de meeste en Flevoland de minste WW’ers.

Tevreden werken in het voortgezet onderwijs

De meerderheid van het personeel is tevreden met hun baan en is zeer bevlogen, maar ervaart tegelijkertijd ook regeldruk. Het personeel is met name tevreden met de mate van zelfstandigheid, de inhoud van het werk en de samenwerking met collega’s. Het minst tevreden is het personeel met de loopbaanontwikkelingsmogelijkheden, de informatievoorziening binnen de organisatie en de beloning.

Arbeidsmarktplatforms

19-11-2016 12:36

De VCP (waarbij ook de UNIENFTO is aangesloten) blijft het kabinet oproepen om te kijken naar meer creatieve oplossingen in het beperken van de rentegevoeligheid van ons stelsel. Uit het onderzoek van het CPB, dat mede op verzoek van de VCP is uitgevoerd, komt naar voren dat de pensioenen ook in andere landen onder druk staan door de huidige lage rente, maar blijkt ook dat Nederland behoorlijk prudent is in vergelijking met andere landen.

Lage rente zet pensioenen onder druk

De huidige lage rente heeft ook in andere landen impact op kapitaal gedekte pensioenen. De wijze waarop andere landen met de lage rente omgaan verschilt behoorlijk. In het onderzoek is sprake van het vervallen van garanties, pensioenverlagingen of minder zekerheden over de hoogte van de pensioenuitkomst. Het CPB merkt op dat Nederland in vergelijking met België, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk behoorlijk prudent is door de pensioenverplichtingen en de voorwaardelijke indexatieambitie met een risicovrije rente te waarderen. Dat roept de vraag op we in Nederland op dit moment niet te prudent zijn bij het bepalen van de kostprijs van pensioen.

Renteswaps de oplossing?

Het CPB geeft aan dat renteswaps een mogelijke oplossing zijn om het renterisico af te dekken. Renteswaps zijn instrumenten waarmee je een lange rente tegen een korte rente kunt uitruilen, of andersom. Deze swaps zijn echter op het moment dat de rente laag staat duur. Fondsen moeten bij het afsluiten van swaps bovendien door aankomende nieuwe regelgeving onderpand aanhouden in de vorm van liquiditeiten of hoogwaardige obligaties en liquiditeitsbuffers. Met als gevolg dat zij minder beleggingsrendement kunnen maken. Mogelijk dat de renteswaps op de korte termijn een beperkte oplossing kunnen bieden, maar het geeft nog geen duurzame oplossing.

Meer creatieve opties denkbaar

Er moet niet te eenzijdig gefocust worden op de voor- en nadelen van renteafdekking en het gebruik van swaps. De VCP is van mening dat naar meer creatieve oplossingen gekeken moet worden. Voorbeelden van meer creatieve oplossingen, die het nader te onderzoeken waard zijn, zijn het uitgeven van pensioenobligaties of hanteren van de kasstroommethode om een beter inzicht te bieden in het gewenste generatie-evenwicht in relatie tot de lage rente. Een duurzame en evenwichtige oplossing is nodig om ongewenste gevolgen van de lage rente op onze pensioenen het hoofd te bieden.

Collectief versus individueel

Het CPB geeft verder aan dat maatregelen tegen deze lage rente vanuit een individueel pensioencontract lastiger te takelen zijn dan in een collectief contract. De VCP pleit er dan ook niet voor niets voor om ook in een toekomstbestendig pensioencontract collectiviteit in een pensioenregeling te behouden door een collectieve buffer aan te houden om pensioenresultaten te stabiliseren. Het heeft als voordeel dat het renterisico beter te ondervangen is en het beleggingsbeleid beter kan worden aangepast op de leeftijd van deelnemers.

Zie hier de link naar het CPB-onderzoek

 

<< November 2016 >>
MonTueWedThuFriSatSun
123456
78910111213
14151617181920
21222324252627
282930